Wat is GA4 en waarom moet je het gebruiken?
Google Analytics 4 is de huidige generatie van Google Analytics. Het meet hoe bezoekers je website gebruiken: welke pagina's ze bekijken, waar ze vandaan komen, wat ze aanklikken en of ze converteren. Het is gratis en voor de meeste MKB-sites ruim voldoende.
GA4 verving Universal Analytics, dat op 1 juli 2023 definitief stopte met het verzamelen van data. Als je nog oude Analytics-code op je site hebt staan zonder GA4 ernaast, meet je op dit moment simpelweg niks. Dat is geen theoretisch risico: wij komen bij site-checks nog regelmatig bedrijven tegen die maandenlang blind vlogen.
Het grote verschil met vroeger: GA4 denkt in gebeurtenissen (events) in plaats van in paginaweergaves. Elke interactie, een klik, een scroll, een formulierverzending, is een event. Dat maakt het flexibeler maar ook even wennen als je Universal Analytics gewend was.
Voordat je begint: wat je nodig hebt
Een nette setup verloopt soepeler als je de bouwstenen klaar hebt liggen. Je hoeft geen developer te zijn, maar een paar dingen moeten geregeld zijn.
- Een Google-account met beheerdersrechten, bij voorkeur een zakelijk account dat niet aan één medewerker hangt.
- Toegang tot je website om code te plaatsen, of een CMS zoals WordPress waar dat via een plugin of instelling kan.
- Google Tag Manager (aanbevolen): een gratis tussenlaag waarmee je tags beheert zonder telkens in de code te duiken.
- Een cookie- of consent-oplossing die voldoet aan de AVG, want je mag pas volledig meten nadat de bezoeker toestemming geeft.
Stap 1: property en datastream aanmaken
In Google Analytics maak je eerst een account (je organisatie) en daarbinnen een property (je website). Binnen die property maak je een datastream aan voor je website, en Google geeft je een meet-ID dat begint met G-.
Dat meet-ID is de sleutel die je straks in de tag gebruikt. Vul bij het aanmaken je tijdzone (Amsterdam) en valuta (euro) correct in, want dit corrigeer je later niet met terugwerkende kracht. Een verkeerde tijdzone maakt je rapportages structureel een paar uur scheef.
Stap 2: de tag plaatsen via Tag Manager
Nu moet GA4 daadwerkelijk gaan meten op je site. Je hebt grofweg twee routes: de tag rechtstreeks in je site plakken, of hem via Google Tag Manager beheren. Voor bijna iedereen is Tag Manager de betere keuze.
Waarom Tag Manager? Omdat je dan één keer een container in je site zet en daarna alle tags (GA4, Google Ads, conversietracking, chatwidgets) beheert vanuit één dashboard, zonder telkens je thema-bestanden aan te raken. We leggen dat uit in ons artikel over Google Tag Manager voor beginners.
Via Google Tag Manager
Maak een GTM-container aan, plaats de GTM-code één keer in je site (op WordPress via een plugin of in de header), en configureer daarin een GA4-configuratietag met je meet-ID. Publiceer de container. Vanaf dat moment meet GA4 op elke pagina waar de GTM-code staat.
Rechtstreeks (zonder Tag Manager)
Kan ook: plak de GA4-tag direct in de header van je site of gebruik een plugin die om je meet-ID vraagt. Sneller opgezet, maar je verliest de flexibiliteit om later netjes andere tags te beheren. Prima voor een simpele brochure-site, minder handig zodra je gaat adverteren.
Stap 3: conversies (key events) instellen
Meten dat mensen je site bezoeken is leuk, maar je wilt weten of ze iets waardevols doen: een formulier invullen, bellen, een offerte aanvragen, iets kopen. In GA4 heten die belangrijke gebeurtenissen 'key events' (voorheen conversies).
GA4 meet een aantal dingen automatisch, zoals scrollen en uitgaande klikken. De acties die er voor jou toe doen moet je zelf definiëren. Een formulierverzending markeer je als key event, en pas dan telt GA4 hem mee als resultaat.
Dit is het onderdeel dat het vaakst wordt overgeslagen, en juist het belangrijkste. Zonder key events meet je bezoek zonder betekenis. Meer over de praktische opzet lees je in GA4 events tracken.
Stap 4: koppelen aan Google Ads en Search Console
GA4 wordt pas echt krachtig als het praat met je andere Google-tools. Twee koppelingen zijn vrijwel altijd de moeite waard, en beide zet je in een paar klikken op vanuit de beheerinstellingen.
- Google Ads koppelen: hierdoor kan je GA4-conversies importeren in Ads en zie je welke campagnes daadwerkelijk aanvragen opleveren, niet alleen klikken. Onmisbaar als je adverteert.
- Search Console koppelen: hiermee zie je binnen GA4 op welke zoekwoorden mensen je organisch vinden, gecombineerd met hun gedrag op de site.
- BigQuery (optioneel, gevorderd): voor wie ruwe data wil exporteren. Voor de meeste MKB-sites niet nodig.
De AVG-kant: cookies en toestemming
In Nederland en de rest van de EU mag je niet zomaar alles meten. Voor analytics-cookies heb je in de meeste gevallen toestemming van de bezoeker nodig. Dat betekent een consent-banner die werkt, en een GA4 die zich daaraan houdt via Google Consent Mode.
In de praktijk betekent dit: zolang een bezoeker geen toestemming geeft, meet GA4 in een geanonimiseerde, beperkte modus. Pas na toestemming komt de volledige meting op gang. Fout ingesteld betekent ofwel een boeterisico, ofwel gaten in je data. We gaan er dieper op in bij cookies en GDPR.
Wil je helemaal van de toestemmingsvraag af, dan zijn er privacy-vriendelijke alternatieven zoals Plausible of Piwik PRO die vaak zonder cookiebanner mogen draaien. Voor wie in het Google-ecosysteem zit, blijft GA4 meestal de logische keuze.
Praktijkvoorbeeld: een setup die klopt
Neem een adviesbureau met een WordPress-site en één contactformulier. Een correcte, minimale setup ziet er zo uit:
GTM-container in de site, met daarin een GA4-configuratietag op meet-ID G-XXXXXXX. Consent Mode gekoppeld aan de cookiebanner, zodat meten pas volledig start na toestemming. Key event op de formulierverzending, gedefinieerd via een GTM-trigger op de bedankpagina. Google Ads en Search Console gekoppeld vanuit de GA4-beheerinstellingen.
Resultaat: het bureau ziet niet alleen hoeveel mensen langskomen, maar precies hoeveel aanvragen er binnenkomen, uit welke bron (organisch, Ads, direct), en tegen welke kosten per aanvraag als ze adverteren. Dat is het verschil tussen 'we hebben Analytics' en 'we sturen op cijfers'. Een dashboard erbovenop bouw je daarna met Looker Studio.
Veelgemaakte fouten bij de setup
- Dubbele meting: GA4 twee keer geladen (via plugin én via GTM), waardoor je cijfers verdubbelen en je bouncepercentage nergens op slaat.
- Geen key events: alleen paginaweergaves meten, waardoor je nooit weet of iets werkt.
- Verkeerde tijdzone of valuta: niet meer te herstellen met terugwerkende kracht.
- Consent Mode vergeten: ofwel te veel meten (AVG-risico), ofwel te weinig (grote gaten in je data).
- Interne bezoeken niet uitgesloten: je eigen kantoorbezoeken vervuilen je data. Sluit je eigen IP-adres uit.
GA4 verkeerd opzetten is erger dan geen Analytics hebben. Bij geen Analytics weet je dat je niks weet. Bij een foute setup denk je dat je stuurt op cijfers, terwijl die cijfers niet kloppen.